|
Gelukkig is de commerciële kerstkoorts nog niet zo
doorgedrongen tot Cazalla. De straten krijgen speciale verlichting, in de
etalages verschijnen kerststallen, maar verder is er gelukkig weinig
bombarie die alleen maar bedoeld is om de mensen aan te zetten tot kopen,
kopen, kopen. Je ziet hier ook opvallend weinig kerstbomen, een traditie
die ook (nog) niet doorgedrongen is. Wij zijn één van de weinigen met een
versierde denneboom in de “zaguán”, de hal waar je binnenkomt.
Kerststallen dus. In alle huizen, winkels en
bedrijven. Sommige mensen bouwen hele dorpen na in hun “zaguán” en ze
hebben de deur open, zodat iedere voorbijganger even binnen kan komen om
te kijken. Inmiddels ook een traditie is de
“Belen Viviente”, de levende kerststal. De eerste keer dat ik zo'n
Belen Viviente aangekondigd zag, stelde ik me er niet zoveel bij voor.
Tja, een Jozef en María, wellicht een pop in een kribbetje, wat herders,
schapen, koe, ezel.... En toen bleek er een compleet dorp te zijn
nagebouwd! Met een bakker die brood bakte in een echte oven, een timmerman
en een schoenmaker aan het werk, een smid die op een echt haardvuur ijzer
aan het smeden was, dansende arabieren, een waarzegster, een koor dat
“villancicos” zong, te veel om op te noemen, geweldig gewoon. En in de
kribbe een echte pasgeboren baby, met zijn supertrotse ouders ernaast!
Die
“villancicos”, Andalusische kerstliedjes met vrolijke melodieën, worden
ook gezongen door “campanilleros”. Dit is een koor van zangers en
muzikanten, vaak zijn de instrumenten gitaren, een accordeon, tamboerijnen
en een “zambomba”, een rommelpot. Zo’n groep trekt door de straten.
Afgelopen vrijdag, 22 december, was het koor Azahar uit Cantillana hier in
Cazalla op bezoek, en de dagen voor kerst zijn het plaatselijke groepen
die ‘s nachts door het dorp gaan. Om warm te blijven, krijgen ze bij veel
huizen een anijslikeurtje aangeboden, dus je kunt je wel voorstellen hoe
er tegen de ochtend gezongen wordt.
Kerstavond wordt vooral thuis gevierd, met de
familie. Er komen jamón serrano, garnalen en langoustines, en turrón op
tafel. Een andere kerstspecialiteit zijn “mantecados” en “polvorones”.
Eigenlijk een specialiteit uit Estepa, een stad hier 190 km vandaan, maar
ze worden ook hier in Cazalla gemaakt, in de fabriek van de familie Trigo.
De overgrootvader van de huidige eigenaren kwam uit Estepa, vandaar! Deze
“koekjes” van reuzel en meel zijn vooral heerlijk bij een glaasje
anijslikeur of “guinda”, likeur van krieken. Die anijslikeur is dermate
met de traditie van Cazalla de la Sierra verbonden, dat ze in de rest van
Spanje vaak met “cazalla” als soortnaam wordt aangeduid. Je kunt hier de
twee nog producerende fabrieken bezoeken: Clavel en Miura.
En
dan is het jaar weer afgelopen! Met Oud-en-Nieuw hoor je rood ondergoed te
dragen, dat brengt geluk, en om 12 uur klink je niet met een glas
champagne, maar neem je 12 druiven, op elke klokslag één. De eerste
oud-en-nieuwnacht die we hier in Cazalla vierden, gingen we om twaalf uur
naar buiten in afwachting van het vuurwerk dat los zou barsten. Maar het
bleef adembenemend stil! Niet één knal. Sinds twee jaar verkoopt het
plaatstelijke snoepwinkeltje ook vuurwerk, dus nu wordt er wel flink
geknald, en niet alleen in de nieuwjaarsnacht, ook in de kerstnacht was
het raak.
Sommige kroegen contracteren een band en de gemeente heeft
een grote tent op een plein neergezet, waar ook de hele nacht muziek zal
zijn. Oud-en-nieuw wordt dus één groot feest.
Daarna zijn de feestelijkheden nog niet afgelopen.
Het belangrijkste feest - in ieder geval voor de kinderen - moet nog
komen. Op de avond van 5 januari is er een grote optocht: de aankomst van
Melchor, Gaspar en Baltazar, de Drie Koningen uit het Oosten. Zelfs in
zo’n dorp als Cazalla worden er diverse praalwagens gemaakt, hele hordes
kinderen worden als pages verkleed en er worden tonnen snoep gegooid. En
als je lief geweest bent, liggen er op 6 januari cadeautjes in je huis!
 
|